In de jaren zeventig botsen de bewoners heftig met het Rotterdamse stadsbestuur. Ze eisen verbetering van hun wijk en woningen, en wel onmiddellijk. Bewoners, jonge architecten, studenten en progressieve politici verenigen zich in het protest dat met ludieke acties kracht wordt bijzet. Het is de opmaat voor een ongekende periode in de Rotterdamse geschiedenis: de stadsvernieuwing.
1971, Rob Mieremet, Nationaal Archief
1970
In 1970 gonst de stad van activiteiten met de Europacupwinst van Feyenoord, de manifestatie C70 en het Holland Pop Festival in het Kralingse Bos. Tijdens C70 kunnen de bezoekers met een kabelbaan over de nieuwe paviljoens op Coolsingel en het Weena, waar ook een gigantische maquette van de Rotterdamse haven is te zien. De stad wil gezelligheid, gastvrijheid en optimisme uitdragen. In de oude stadswijken rondom de binnenstad ontstaat echter ongenoegen over de slechte woonomstandigheden en verzet tegen de ‘grootse’ plannen van de gemeente.
Oude Westen, met Medische Faculteit in aanbouw, 1968, Ary Groeneveld, Stadsarchief Rotterdam
Havenmaquette C70, Ary Groeneveld, Stadsarchief Rotterdam
De woningen, door bouwondernemers in hoog tempo uit de grond gestampt, zijn technisch slecht. Er is geen behoorlijk sanitair en vaak nog geen douche. Meerdere huishoudens delen een opgang. Het onderhoud door de veelal particuliere eigenaren is minimaal. Ook stedenbouwkundig is het schraal: lange rechte straten met smalle binnenterreinen en nauwelijks openbaar groen. Licht, lucht en ruimte, het credo van de moderne architecten, zijn afwezig.
Actieposters
Buurtkrant, 1970
Volgens de Saneringsnota 1969 moeten de wijken als het Oude Noorden, Crooswijk en het Oude Westen grotendeels worden gesloopt. Bewoners van deze wijken komen in de jaren zeventig in opstand tegen de slechte woonomstandigheden en de op stapel staande saneringsplannen. Saneren betekent gezond maken, maar in de praktijk betekent het slopen. Slopen van de krotten en vervangen door frisse nieuwbouw met flats, kantoren en scholencomplexen.
In bad bij de burgemeester, 1971
De Gaffelstraat, circa 1970, Ary Groeneveld, Stadsarchief Rotterdam
Bouwen voor de buurt
Dit plan gaat uit van de bestaande situatie, d.w.z. van de bevolking, zoals ze nu in de wijk woont en werkt, en van de bebouwing zoals die nu funktioneert.’ Ons Rekonstruktieplan
Bewoners laten zich horen en ondernemen ‘aktie’. Op initiatief van de Bond van Nederlandse Architecten worden vijf plannen voor het Oude Westen gemaakt: vier gaan uit van geleidelijke maar grootschalige sanering, bij één plan vormt de bestaande wijk het uitgangspunt voor vernieuwing. Dit plan van een aantal jonge architecten van de Academie van Bouwkunst wordt door de bewoners het meest gewaardeerd. De in 1970 opgerichte Aktiegroep Het Oude Westen gaat verder met dit plan en één van deze architecten, Pietro Hammel. Met als motto ‘Bouwen voor de buurt’ wordt begonnen met de stadsvernieuwing.
Rekonstruktieplan, 1971
Bouwbord, 1976, Stadsarchief Rotterdam
Met de komst van een links bestuurscollege onder aanvoering van burgemeester André van der Louw en wethouder Jan van der Ploeg wordt begonnen met de stadsvernieuwing. Er groeit een nieuwe visie op woningbouw en jonge architecten krijgen een kans om te bouwen. In een periode van ruim 20 jaar, van 1970 tot 1990, wordt gewerkt aan het behoud én de vernieuwing van het Oude Westen.
Gerrit Sterkmanplein, 1985, Foto: Carel Buenting
Woondek De Gaffel, Foto: Max Milikan
Huizen worden gerenoveerd, samengevoegd en uitgebouwd. Vervallen panden worden vervangen door nieuwe woningen. In de wijk komen pleinen, speeltuinen en sociale voorzieningen in plaats van fabrieken en bedrijven. De huidige belangstelling voor de oude stadswijken is groot en de roep om betaalbare woningen neemt weer toe. Van een roemruchte stadsvernieuwingswijk tot gewilde stadswijk: de discussie over het Oude Westen is springlevend.
Bajonetstraat, Foto: Joop Reijngoud