“In Rotterdam is nog zoveel is te ontdekken: van Steentijd bij de Maasvlakte tot Middeleeuwen in het stadscentrum.”
Door de hoge gebouwen en moderne architectuur is het moeilijk voor te stellen hoe Rotterdam er vroeger uit heeft gezien. Alleen de Sint-Laurenskerk herinnert nog aan het middeleeuwse verleden van de stad. Archeoloog Maaike Sier neemt je op deze route mee terug in de tijd. Zij laat de plekken zien waar opgravingen zijn gedaan en vertelt over de vondsten.
Archeologe Maaike Sier heeft na haar studie Pre- en Protohistorie op diverse locaties in Nederland archeologisch onderzoek gedaan voor grote infrastructurele projecten zoals de Betuweroute, HSL en Westerscheldetunnel. Sinds 2006 werkt zij als archeoloog in haar eigen stad Rotterdam bij Bureau Oudheidkundig Onderzoek van de gemeente Rotterdam (BOOR).
1
2
3
4
5
6
7
8
Wie naar het noorden kijkt, ziet een brede, onbebouwde strook: de Binnenrotte. Deze markeert min of meer de plaats waar ooit de Rotte stroomde. Rond 1270 is deze afgedamd, ter hoogte van de huidige Hoogstraat. Na de aanleg van de dam ging het snel met de ontwikkeling van Rotterdam. Omstreeks 1300 wonen er enkele honderden mensen op en rondom de dam. In 1340 krijgt Rotterdam stadsrechten en is de Hoogstraat de zuidelijke stadsgrens.

De stad wordt in 1358 uitgebreid, de Blaak vormt het zuidelijke deel van de stadsgracht die Rotterdam omringt. Pas in de 16de eeuw krijgt de stad een rondom gesloten stadsmuur. Bij de aanleg van de spoortunnel is een deel van deze stadsmuur en een toren, die de ingang van de haven markeerde, opgegraven. Deze toren is na de bouw van station Blaak teruggeplaatst op zijn oorspronkelijke plek.
Terug naar kaart
In de strenge winter van 2010 hebben archeologen een opgraving gedaan in de bouwput van de Markthal. Hier zijn op tien meter diepte resten gevonden van Rotta, de nederzetting die aan de stad Rotterdam voorafging. Hoewel Rotta al in 1028 in een archiefstuk werd genoemd, komt de meeste informatie uit archeologisch onderzoek.

De bewoners van Rotta bouwden hun huizen langs de rivier de Rotte. Om veilig dichtbij de rivier te kunnen wonen, werden de huizen gebouwd op terpen; kunstmatige ophogingen van klei en plaggen. Onder de Markthal is zo’n terp opgegraven met daarop de resten van zes opeenvolgende houten boerderijen uit de periode 950-1050.

Er woonden boeren, enkele ambachtslieden en er werd handel gedreven. De vondst van een zogenaamde drietand wijst erop dat de bewoners zich ook bezighielden met wolbewerking. Dit laatste weten wij omdat de gebruikssporen van dit benen voorwerp onder een microscoop zijn bestudeerd. Ook de vondst van weefgewichten toont aan dat de mensen hier textiel weefden.
Terug naar kaart
De Hoogstraat dankt zijn naam aan de oorspronkelijk hoge ligging als dijk in de stad. De dam, die rond 1270 dwars op de bedding van de Rotte werd aangelegd, maakt onderdeel uit van deze rivierdijk. Aan de zuidkant van de dam lag het Steiger, de oudste haven van Rotterdam. In de dam zaten sluizen om het water van de Rotte in de Maas te lozen. Ook ter hoogte van de Delftsevaart, de belangrijke waterverbinding met het achterland, bevond zich een sluis in de Hoogstraat. Het was een schutsluis voor de scheepvaart.

De vroegste bewoning van de stad Rotterdam bevond zich óp de dam. De dam had een lengte van zo’n vierhonderd meter, waarop rond 1300 de eerste stenen huizen werden gebouwd. Het waren woningen bestemd voor de elite van de stad. Bij één van de opgegraven huizen hebben archeologen een koperen sierbeslag gevonden in de vorm van een ridder te paard.

In 1990 is onder de Hoogstraat, op negen meter diepte, een crematiegraf uit de Romeinse tijd (rond 150 na Christus) gevonden. Vier mensen (een gezin?) zijn tegelijkertijd gecremeerd: een man, een vrouw en twee jonge kinderen. Aan de doden is aardewerk, voedsel en een bronzen mantelspeld meegegeven.
Terug naar kaart
De eerste schriftelijke vermelding van de Sint-Laurenskerk dateert uit 1366. Over het 14de-eeuwse kerkgebouw en over mogelijke voorgangers is vrijwel niets bekend. Het huidige gebouw dateert uit de 15de eeuw. Tijdens grondwerkzaamheden op het kerkplein zijn begravingen en grafkisten van het oorspronkelijke kerkhof aangetroffen.

Het christelijk geloof speelde een belangrijke rol in het middeleeuwse Rotterdam. Dat blijkt niet alleen uit de aanwezigheid van de kerk en van verschillende kloosters in de stad, maar ook uit de vondst van religieuze pijpaarden beeldjes en insignes. Deze speldjes zijn als souvenirs meegebracht uit diverse pelgrimsoorden.

Zo werd bij de Markthal een insigne van paus Cornelius gevonden. Cornelius werd vereerd in het Vlaamse Ninove. Saillant detail is dat er ook speldjes met erotische voorstellingen in Rotterdam zijn gevonden, die in de 14de en 15de eeuw werden gedragen.
Terug naar kaart
Vanaf circa 1325 woonden de Rotterdammers behalve op de dam aan de Hoogstraat ook aan
weerszijden van de Rotte. In de bouwput van het appartementencomplex De Hofdame hebben archeologen een groot aantal middeleeuwse stadshuizen opgegraven. De eerste huizen waren van hout en werden vanaf de 15de eeuw in steen opgetrokken. De houten huizen hadden rieten daken. Het houtskelet was opgevuld met vlechtwerk en afgestreken met leem. Op de achtererven waren kuilen gegraven, die gebruikt werden om afval te dumpen of mest van huisdieren in te storten.

Vanwege de diepe ligging van de archeologische lagen in Rotterdam (ónder de grondwaterspiegel) blijven ook voorwerpen van hout en leer goed bewaard. Onder De Hofdame is bijvoorbeeld een fraaie houten fluit gevonden uit circa 1500.
Terug naar kaart
Archeologen ontdekten in de bouwput van het Timmerhuis een diep in de ondergrond weggezakte dijk, die uit circa 1200 dateert. Het is de oostelijke dijk van de polder Cool en de westelijke dijk van het poldertje Rotterdam, waarin, na de aanleg van de dam, de stad Rotterdam ontstond. Ook zijn er afvalkuilen gevonden die bij het in 1458 gestichte Sint-Aechten klooster hoorden.

Nadat Rotterdam in 1572 de zijde van de Protestanten had gekozen, werd het klooster in beslag genomen en bouwde men in dit deel van de stad nieuwe huizen. Bij de opgravingen zijn verschillende huisfunderingen en afvalputten teruggevonden. Daarin zat vooral huisraad, maar ook kinderspeelgoed, zoals een houten pop en een rinkelbel; een rammelaar waar je op kon bijten en fluiten. Sensationeel was de vondst van een leren schoen gevuld met 477 zilveren munten. De oudste munt dateert uit 1472, de jongste uit 1592.
Terug naar kaart
Op deze plaats verlaten wij de middeleeuwse stad. De Delftse Poort is in 1995 gereconstrueerd naar een ontwerp van Cor Kraat. De poort lag oorspronkelijk meer naar het westen. Het huidige ontwerp is gebaseerd op de poort die daar tussen 1772 en 1938 heeft gestaan.

Het Pompenburg vormde de noordelijke stadsgracht van Rotterdam. Tijdens de aanleg van de spoortunnel is niet alleen een stuk stadsmuur teruggevonden, maar zijn ook vele voorwerpen uit de grachtbodem verzameld. Zo werden een middeleeuws steekwapen gevonden, een ‘goedendag’, en een klotendolk uit circa 1500. Ook werd er een ‘pistool’ gevonden, een stuk kinderspeelgoed uit de jaren dertig van de 20ste eeuw.
Terug naar kaart
Net buiten de middeleeuwse stad, onder voormalig station Hofplein, bij de kruising tussen Katshoek en Hofdijk, liggen de resten van het kasteelcomplex Weena. Het kasteel dateert uit de 13de eeuw en bestond uit een omgrachte woontoren van tien bij twaalf meter. Het zware muurwerk is in 1905 bij de bouw van het station ontdekt.

Ook later, in 1941 en 1990, heeft men naar de resten van dit kasteel gezocht. Bij het onderzoek van kasteel Weena zijn koperen wapenschildjes gevonden, die vermoedelijk deel uitmaakten van paardentuig. Ze zijn voorzien van de wapens van de Hollands-Henegouwse graven. Het wapen wordt toegeschreven aan Willem IV en dateert uit het derde kwart van de 14de eeuw.
Terug naar kaart




