Architect Wim Quist (1930-2022) maakt op jonge leeftijd naam met zijn brutalistische ontwerp voor drinkwaterproductiebedrijf Beerenplaat en bouwt daarna een veelzijdig oeuvre op: bruggen, scheepsloodsen, bedrijfspanden, kantoren en culturele gebouwen, waaronder veel musea. Quist speelt in de jaren 80 een belangrijke rol in het vormgeven van het nieuwe Rotterdam, met onder andere de het Maritiem Museum (1986), de Schouwburg (1988) en kantoorgebouw De Willemswerf (1989).
Photo: Kim Zwarts
Alles aan een gebouw moet kloppen
Zijn ontwerpen zijn van begin tot eind doordacht. ‘Alles aan een gebouw moet kloppen. (…) Daar ben je dus een hele tijd mee bezig, met puzzelen.’ Kenmerkend voor de architectuur van Quist is zijn zoektocht naar de essentie, wars van modieuze tendensen. Deze weet hij in samenhangende vormen met eenduidige en eenvoudige materialen te realiseren. Zo ook bij het Maritiem Museum, waar hij een ingewikkeld programma weet te vangen in een driehoekige hoofdvorm.
Stadsarchief Rotterdam, 1989
Stadsarchief Rotterdam, 1989
Esthetische eenvoud
Het ontwerp voor het Maritiem Museum wordt uitgewerkt op rasterpapier, dat medebepalend wordt voor het grid van de kolommen. Het ogenschijnlijk eenvoudige gebouw bestaat uit uitstekende en inspringende elementen, waarbij de arcades, vensters en een dakterras verrassende doorzichten bieden op stad en haven. De routing door het museum leidt afwisselend langs open en gesloten ruimtes, en neemt de bezoeker via vides en hellingbanen mee langs de vergezichten.
Collection Nieuwe Instituut, archive Wim Quist
Nu, 40 jaar na oplevering, staan nieuwe plannen op stapel voor het Maritiem Museum. De eerdere uitbreiding van het museum is in 2004 nog gedaan door Quist Wintermans, in de stijl van het bestaande gebouw. In 2021 worden de originele paviljoens op de kade gesloopt en vervangen door een nieuw paviljoen van MoederscheimMoonen, zonder veel discussie. In datzelfde jaar presenteert het museum samen met de gemeente drie ontwerpstudies voor de mogelijke toekomst van het museum. Quist Wintermans heeft nu een document opgesteld met de randvoorwaarden voor de toekomstige transformatie van het museum.
Stadsarchief Rotterdam, 1988
Auteurschap
Uitbreiding en transformatie van gebouwen zijn van alle tijden. Zo ontwerpt architect Wim Quist zelf in de jaren 70 de nieuwbouw van het Kröller-Müller Museum en de minimalistische kubussen als aanbouw van de Laurenskerk in Rotterdam. Beide ontwerpen staan in groot contrast met de bestaande bebouwing. Waar de eerste op veel lof kan rekenen, oogst de tweede veel kritiek.
Meerdere gebouwen van Quist zijn onderdeel van vernieuwing. Quist heeft een sterke mening over de mogelijke veranderingen van zijn gebouwen. Hij hekelt ondoordachte veranderingen, waarbij gebruikers zich weinig aantrekken van de essentie van zijn ontwerp. Zoals bij de Schouwburg onder het mom: ‘de verbouwing is geen architectuur, het is interieurarchitectuur’.
Photo: Alex de Herder, Stadsarchief Rotterdam, 1985
Stadsarchief Rotterdam, 1979
Op 90 jarige leeftijd protesteert hij nog tegen een nieuw hoofdkantoor van V8 architecten op het terrein van het drinkwaterleidingbedrijf Evides. Dit ontwerp is zonder overleg met hem tot stand gekomen. Quist uit zijn bezwaren en spant een rechtszaak aan die leidt tot een tijdelijke bouwstop, waarna hij wel mee mag denken. Een van zijn varianten vormt uiteindelijk mede de basis voor het nieuwe ontwerp.